Afbeelding
Pixabay

Twee keer zoveel tuinvogeltellers in Houten als vorig jaar; huismus wint opnieuw

Dieren

HOUTEN Vogels kijken werd al steeds populairder in Nederland, maar sinds de pandemie ons aan huis kluisterde, is die populariteit regelrecht geëxplodeerd. De Nationale Tuinvogeltelling van afgelopen weekend onderstreept dat eens te meer. In Houten werd bijvoorbeeld in bijna twee keer zoveel tuinen geteld als vorig jaar. Bovendien werd in Houten opnieuw de huismus het meeste gezien, net als landelijk.

door Louis van Oort

In totaal telden ruim 198 duizend Nederlanders op 29, 30 en 31 januari de vogels in eigen tuin of op hun balkon. Daarmee kende deze editie van Tuinvogeltelling het hoogste aantal deelnemers ooit, een ruime verdubbeling ten opzichte van het vorige record. De deelnemers telden bijna 2,8 miljoen vogels, ook een record. 

CITIZEN SCIENCE De Nationale Tuinvogeltelling, die sinds 2001 wordt georganiseerd door Vogelbescherming Nederland en Sovon Vogelonderzoek is een citizen science project. Oftewel: burgers leveren een bijdrage aan onderzoek, in dit geval naar het tuingebruik door vogels in de winter. Met die informatie kunnen vogels beter geholpen en beschermd worden. Een klassiek voorbeeld dus van het nuttige met het aangename verenigen.

PER PROVINCIE Vogelaars door het hele land telden afgelopen vrijdag, zaterdag of zondag een half uur de gevederde vrienden in hun tuin of op hun balkon. De liefde voor vogels (of in ieder geval voor de Tuinvogeltelling) verschilt nogal per provincie:

In Drenthe waren er dit weekend bijna veertien vogeltellers per duizend inwoners actief, en ook in Zeeland en Utrecht (zo’n twaalf tellers per duizend inwoners) werd fanatiek gevogeld. In Limburg en Zuid-Holland deden, net als vorig jaar, weer de minste mensen mee aan de Tuinvogeltelling: zo’n zeven tot acht per duizend inwoners.

Overal is een flinke toename in het aantal vogelaars te zien: van meer dan zeventig procent in Friesland en Limburg tot een ruime verdubbeling in Overijssel

(tekst gaat verder onder kaart)


COMEBACK VAN DE MEREL Net als in eerdere jaren liet ook dit weekend de huismus zich het meest zien. Ook in Houten was dat het geval, met de koolmees opnieuw als nummer twee. In alle provincies vormen deze twee kleine vogels steevast de top twee. 

Voor de merel is er goed nieuws: in de helft van de provincies is deze begenadigde zanger weer terug in de top drie. Vorig jaar was dat nog nergens het geval. De oorzaak was waarschijnlijk het usutu-virus, waardoor veel merels het loodje legden. Inmiddels lijkt dat virus op de terugtocht. In Houten werd dat nog eens extra benadrukt, want ook hier stoottte de merel door naar de derde plaats, waar hij vorig jaar nog nummer zes was. 

VERDUBBELING Opvallend in Houten was dat het aantal tuinen waarin geteld werd bijna verdubbelde. Vorig jaar werd nog in 385 Houtense tuinen geteld, terwijl het er dit jaar liefst 732 waren. En waar vorig jaar 5125 vogels werden waargenomen, waren dat er dit jaar liefst 10243.

Vogelbescherming Nederland bevestigt dat vogels kijken tijdens de coronacrisis flink aan populariteit heeft gewonnen. Stadsvogelspecialist Jip Louwe Kooijmans hoopt dat deze belangstelling zich ook omzet in daden: ,,Alle tuinen in Nederland bij elkaar zijn een gigantisch natuurgebied, meer dan vijf keer de Oostvaardersplassen. Het is voor vogels, maar ook voor de bijen en vlinders een wereld van verschil of die tuinen bestraat of groen zijn.”

Koolmees
advertentie
advertentie