Bert aan zijn keukentafel met op de achtergrond de opkamer.
Bert aan zijn keukentafel met op de achtergrond de opkamer. Irene van Valen

Zaterdagportret Bert van der Houwen: ,,Het oude heeft waarde en gevoel.”

9 september 2023 om 16:24 Mensen Zaterdagportret

HOUTEN Bert van der Houwen werkte vooral om rond te komen en besteedt zijn tijd liever aan archeologie en zijn tuin. Hij woont in een rijks monument in het Oude Dorp. Ervoer hij de beperkingen die daarbij horen ooit als een last? En waar startte zijn hobby in de archeologie? U leest het in dit Zaterdagportret.

Als Utrechtse student fietste Bert graag in de omgeving, maar fietste nooit verder dan Oud Wulven. ,,Ik kon mij niet voorstellen dat daar verderop iets te beleven viel en fietste liever naar Bunnik waar mijn toenmalige vriendin woonde. Ik ontdekte Houten pas toen ik er kwam wonen. Dat was puur toeval. Ik zocht woonruimte en zag dit huis leegstaan. Het is een gedeelte van de dorpsboerderij uit 1651 en toen eigendom van de slager. Hij leidde me rond. Toen ontdekte ik hoe groot het huis was”, vertelt Bert. Het had veel achterstallig onderhoud. Bert mocht het huis huren voor een lage prijs, mits hij het onderhoud op zich nam. Bert schudde de slager de hand en woont sinds 1978 op dit plek. ,,Op kadastrale kaarten zie je hoe een zigzaglijn de boerderij in de lengte in twee delen verdeelt”, zegt hij en wijst op een nis in de keuken: ,,Hier bevond zich ooit een stookplaats. Wat voor ons een nis vormt, is een onhandige hoek in het huis van de buren.”

Een rijksmonument beperkte je misschien, maar daagt je uit om niet-alledaagse oplossingen te vinden.

RIJKSMONUMENT

Nadat Bert het huis kocht, diende hij een restauratieplan in. ,,Het is niet zo dat je niets mag veranderen in een rijks monument, maar het gebouw bepaalt wat mag, niet de mens. Het beperkt je misschien, maar daagt je uit om niet-alledaagse oplossingen te vinden. Nu blijft vaak alleen de buitenkant origineel, maar binnen worden muren en kelders afgebroken voor extra ruimte. Daarmee verdwijnt de ziel uit het huis,” vindt Bert. In zijn huis is veel nog origineel, zoals de kelder, de opkamer, de keuken en een houten spant dat niets meer draagt. Wat hij onder andere restaureerde was het oudhollandse pannendak. Daar kijkt hij niet langer van binnenuit tegenaan. Het is goed geïsoleerd. Leidingen werden vernieuwd en er is nu een badkamer. Dat was eerst een losse badkuip met landbouwplastic eromheen. Hij zegt luchtig: ,,Ons behelpen was gewoon onderdeel van ons leven.” Bert werkte bij alle restauratiewerkzaamheden zoveel mogelijk mee en kon direct kiezen voor een oplossing bij problemen. Daarmee voorkwam hij geldverspilling.

VERLEDEN

Geboren in Oostvoorne woonde Bert dichtbij de Burcht van Oostvoorne. Bert vertelt terugkijken: ,,Het was een van de mooiste motte-kastelen van Nederland. Nu staat er alleen nog de heuvel met ruïne. Naast het feit dat ik dit kasteel graag tekende met ridders en jonkvrouwen, ontstond hier mijn liefde voor archeologie. Mijn vriend en ik richtten een afdeling op van de Nederlandse Jeugdbond ter Bestudering van de Geschiedenis. We groeven graag dingen op. Het doet me pijn om te zien hoe het mooie Oostvoorne veranderde in de goudkust van de Europoort. Met de komst van bedrijven vestigden de directeuren zich met grote villa’s om ons dorp heen met in het dorp een grote parkeerplaats. Het oude heeft waarde en gevoel en dat verdween.”

KNEUSJE

Na de basisschool zat Bert op de Hogere Burger School (hbs) op vijf kilometer van huis. Terugkijkend zegt hij: ,,Ik werd altijd met mijn broer Peter vergeleken. Hij haalde alles met twee vingers in zijn neus. Al had ik lieve ouders, ik voelde me altijd beperkt. Ik moest van voetbal af, want school ging voor. Ik voelde me ongelukkig op school. Nadat ik voor de twee keer bleef zitten, ging ik naar de havo in Hoogvliet. Ik reed dan met mijn zus Alice mee in haar eend. Ik liftte terug naar huis of pakte de bus. Op de havo haalde ik weer goede cijfers en mocht zelfs de scheikundeles overnemen als de leerkracht weer eens werd weggeroepen. Ik was niet langer het kneusje.”

Biologie gaat ook over de plek die wij innemen op deze aardbol en de gevolgen van ons gedrag.

DOCENT

Biologie was Berts favoriete vak. ,,Dat vak gaat verder dan alleen het menselijk lichaam. Het gaat juist over de plek die wij innemen op deze aardbol en de gevolgen van ons gedrag op onszelf en de natuur. Al tijdens mijn studie waren de problemen rondom milieu en stikstof van nu bekend”, legt Bert uit. Na de havo volgde hij de Sol lerarenopleiding biologie en scheikunde in Utrecht, want hij wilde graag het huis uit. Daarna werkte Bert op een grote scholengemeenschap in Woerden. ,,We vormden een goed team en schoven aan bij elkaars lessen. Ik zie me nog zitten bij een oude biologieleraar, al ben ik nu ouder dan hij toen was”, lacht de bijna 70-jarige Bert. ,,De papierpropjes vlogen door het lokaal, maar die docent draaide onverstoorbaar zijn les af. Toen besefte ik dat ik niet 40 jaar voor de klas wilde staan.”

MUSEUMMEDEWERKER

Bert wilde museummedewerker worden en volgde een jaar de Reinwardt Academie. Hier kwamen zijn hobby en educatie samen. ,,Ik ben gek op musea. Het Openlucht Museum is mijn favoriet. Mijn grootouders woonden er vlak bij. Opa maakte altijd zijn middagwandeling in het museum. Ik ging mee als we er logeerden”, herinnert hij zich. Na een jaar studeren kreeg Bert via een vriendin een baan in het Missiemuseum Steyl in Tegelen. ,,Je mond valt open als je ziet wat missionarissen uit China, Afrika en Nieuw Guinea meenamen. Het museum wilde herinrichten en zocht iemand met verstand van biologie. Naast het schoonmaken en herinrichten van het museum bouwden we een tentoonstelling over buideldieren. Voor wat extra bekendheid nodigden we het Dagblad van Noord Limburg uit en ik vertelde over de opgezette koala. Die had een buidel op z’n buik, maar de buidel hoort bij de anus van het moederdier te zitten. Toen broeder Bergmans meer dan 100 jaar geleden het dier opzette, was dat soort informatie moeilijk te krijgen en hij knipte daarom maar een buidel in de buik. Volgens de paters, die de directie vormden, hadden we dat niet mogen vertellen aan de journalist, want zei hij: ‘Wij van het Missiehuis, wij maken geen fouten.’ De werksfeer verslechterde en mijn contract werd niet verlengt. Ik kijk er wel op terug als een heel mooi jaar.” zegt Bert.

POST

Eind jaren tachtig solliciteerde Bert tegen beter weten in. Hij bokste op tegen mensen met jarenlange ervaring in educatieve diensten. Hij vond echter werk bij de Apenheul, waar hij twee jaar op projectbasis werkte aan de bewegwijzering en educatieve borden voor het park. Omdat alles door de directeur gecontroleerd werd, belanden zijn ontwerpen op een stapel en kwamen er niet meer vanaf. ,,Het is een prachtig plek om te werken, maar mijn contract werd niet verlengt. Wel bezoeken mijn partner Trudy en ik het park zeker eens per jaar. Zij is helemaal gek van dierentuinen”, lacht Bert. Om brood op de plank te hebben, ben ik bij PTT-post gaan werken. ,,Door alleen op zaterdag te werken, verdiende ik met de extra toeslagen bijna voldoende om van te leven. Dit veranderde al snel, waardoor ik meer moest werken. Ik bleef echter de parttimer onder de fulltimers. Als dromer voerde ik mijn werk langzamer uit, want ik bekeek alle tuinen uitgebreid. Dat bracht me plezier in mijn werk. Fulltime postbode vond ik niet fijn”, verduidelijkt Bert. Uiteindelijk werkte hij 28 jaar als postbode, pakketbezorger en lorrie chauffeur.

Archeologie is te leuk. Het is moeilijk om daarnaast ook nog te werken.

ARCHEOLOGIE

Bert hield en houdt zich vooral bezig met archeologie. Lachend zegt hij: ,,Deze hobby is te leuk. Het is moeilijk om daarnaast ook nog te werken. Ik ben sinds 1978 betrokken bij de Archeologische Werkgroep ‘Leen de Keijzer’. We verzamelden ons bij hem thuis en deden samen opgravingen. Het mooiste dat we ooit opgroeven was een puntgaaf ijzertijd en inheems Romeins potje. Deze vonden we bij het omleggen van het Amsterdam-Rijnkanaal om de Plofsluis heen.” Tot de wet van Malta in 1992 werd aangenomen kon de werkgroep opgravingen doen. Daarna werd archeologisch erfgoed beschermd en mochten alleen afgestudeerde archeologen opgravingen doen. ,,Al mogen wij niet veel meer graven, ik geloof dat wij vrijetijdsarcheologen vaak beter het Houtense landschap kunnen lezen dan de professionele archeologen”, besluit Bert. Hij beseft afsluitend: ,,We hebben het nog niet eens over de tuin gehad. Mijn andere hobby.” Bert is nog lang niet uitverteld.

Door: Irene van Valen

In de tweewekelijkse rubriek ‘het Zaterdagportret’ zetten we een bekende en/of betrokken inwoner van de gemeente Houten in de aandacht. We leren ze beter kennen door een openhartig interview over motivatie, heden en verleden. Op www.houtensnIeuws.nl leest u de eerder gepubliceerde Zaterdagportretten.

Als tuinier is Bert trots op de grootste vijgenboom van Nederland, al geeft hij toe dat hij niet zeker weet of dat wel zo is.