Nicolien, André (midden) en Joël Peek.
Nicolien, André (midden) en Joël Peek. Agnes Corbeij

Nieuwbouw betekent het einde van het boerenbedrijf van Peek aan de Achterdijk in Bunnik

12 september 2022 om 09:24 Achtergrond

ODIJK De plannen voor nieuwbouw ten westen van Odijk betekenen dat melkveehouders André, Nicolien en Joel Peek een deel van hun grond kwijtraken. Het is een verhaal met gemengde gevoelens. Voor André en Nicolien is het pijnlijk om te realiseren dat het bedrijf hier op termijn stopt. Voor zoon Joël is het een kans om met zijn vriendin in Overijssel zijn eigen boerderij te starten.

door Agnes Corbeij

Het melkveebedrijf van Peek werd opgebouwd door de opa en later door de vader van André. Hij is zelf de derde generatie Peek op deze plek. ,,Ik heb altijd gewerkt met de blik op de toekomst. Met het beeld in mijn achterhoofd van mijn zoon die het overneemt. Dat beeld moet ik loslaten. Dat is moeilijk.”

NIEUWBOUW De familie zal het bedrijf aan de Achterdijk op termijn niet voortzetten door twee redenen. Allereerst de nieuwbouw van de Kersenweide. André: ,,Een deel van ons land gaat bebouwd worden, ook pachten wij land van een ontwikkelaar waarvan we dus ook op termijn het gebruik kwijt zullen raken. We weten niet wanneer, maar wel dát het gaat gebeuren.” Ook al zou André elders grond terug kunnen krijgen, de manier van ondernemen is al veranderd door de nieuwbouw die er nu al staat, Het Burgje. 

André houdt in zijn werkwijze rekening met de nieuwe buren. ,,Als ik wil eggen wat veel stof veroorzaakt, en ik zie dat de wind de kant van de nieuwbouw op staat, dan doe ik het toch maar niet, want dan moeten al die mensen hun ramen wassen.” Hetzelfde geldt voor de beregening. ,,Ik wil de pomp niet te dichtbij de woningen zetten, want dat is echt geen fijn geluid om naar te luisteren als je wilt slapen.” André heeft nog helemaal geen klachten gehad, maar voelt zich wel beperkt.

TE DRUK De tweede reden dat er geen vierde generatie Peek komt op deze plek, is de wens van zoon Joël (26). André en Nicolien hebben drie kinderen, naast Joel twee dochters. Alleen Joël wil boer worden. Maar niet in Bunnik. Joël: ,,Het wordt hier steeds drukker. Daar kan ik slecht tegen. De omgeving gaat hier heel erg veranderen de komende decennia. Je kunt hier niet blijven boeren zoals nu gebeurt.”


De nieuwbouw tussen het dorp Odijk en het bedrijf van Peek beïnvloedt hun bedrijfsvoering en daarmee hun toekomstplannen.  - Agnes Corbeij

Joël ziet dat het anders kan, bij zijn vriendin in Overijssel, Roxan. ,,Daar is het nog veel rustiger. En ik vind het een prachtige streek.” Roxan is een boerendochter en wil ook verder als melkveehouder. De boerderij van haar vader wordt overgenomen door haar broer. Joël: “We willen heel graag een boerderij daar in de buurt, om samen aan onze toekomst te bouwen.” Voor Joël biedt de nieuwbouw dus ook een kans. ,,Daardoor kan geld vrij komen om elders iets moois te beginnen.”

WEEGT NIET OP Dat ziet André ook, maar hij zou liever houden wat hij had. ,,We kunnen er financieel veel beter van worden, maar dat weegt niet op tegen het plezier waarmee we hier zo lang hebben gewoond en gewerkt.” Dat lukt André nu niet meer. ,,Het plezier is er wel vanaf. Ik zie ook wel dat we geluk hebben dat we de kans krijgen Joël ergens anders aan de gang te helpen, maar de polder zal heel erg veranderen.”

Wat voor André ook meespeelt is de onzekerheid. ,,De afgelopen jaren hebben we bijvoorbeeld overwogen een melkrobot te kopen of de stal te verbreden. Maar dat zijn investeringen die je doet als je zeker weet dat je hier nog tien jaar zit. En dat weten we helemaal niet. Eerst was er gedoe met fosfaatrechten, nu de woningbouw en Joël die op een andere locatie verder gaat. Ik kan mijn plannen niet meer doortrekken. Mijn toekomstvisie is door de war.”  

WEINIG TE KOOP Die van Joël en Roxan is heel helder, maar daarmee ook niet zomaar verwezenlijkt. ,,De laatste twee jaar zijn we actiever aan het rondkijken, sinds zes maanden gooi ik overal lijntjes uit waar ik kan. Het is nu niet makkelijk, er staat weinig te koop. Er is veel onzekerheid door de stikstofplannen van het kabinet en de melkprijs is hoog, dus boeren wachten met verkopen.”

Het is best frustrerend, zo op de rem te staan. Ik ben 26, ik wil door.

Voorlopig melkt Joël nog iedere ochtend de koeien mee in Bunnik, om zich daarna te verhuren als zzp-er bij onder anderen loonbedrijf Van der Tol. In het weekend is hij bij Roxan, zij woont naast de boerderij van haar ouders. ,,Het is best frustrerend, zo op de rem te staan. Ik ben 26, ik wil door. We hopen dat we komend jaar een kans krijgen om ons eigen bedrijf te starten.” 

DORP Ook als dat lukt, blijven André en Nicolien eerst gewoon op de boerderij wonen. Nicolien: ,,Ik zei vroeger altijd dat als Joël de boerderij over zou nemen, we naar het dorp Odijk zouden verhuizen.” André: ,,Dat hoeft niet meer, ten eerste komt het dorp naar ons toe en ten tweede neemt Joël de boerderij niet over. We weten nog niet hoe het gaat lopen voor ons.” 

De familie Peek is niet de enige familie die hun toekomstbeeld zag veranderen door de toenemende druk op het buitengebied. Vorige week vertelde de familie Kester uit Overlangbroek dat zij hun bedrijf voort gaan zetten in Friesland