SCHALKWIJK De 33-jarige Julianus Kleinschmit begint op 6 februari 1885 als burgemeester van Schalkwijk en Tull en ’t Waal. Kleinschmit heeft dan zes jaar gemeentelijke ervaring opgedaan als gemeentesecretaris in IJsselstein.

Kleinschmit is een Fries. Hij is geboren in Sneek en moet ongetwijfeld een ander accent hebben gehad dan waar de inwoners van Schalkwijk en Tull en ’t Waal zich mee bedienden. Maar in hoeverre dat een probleem is zullen we nooit weten. Het dorp is verdeeld in arbeiders, boeren, middenstanders en ambtenaren en elite. Kleinschmit hoort bij deze laatste groep, waaronder de pastoor, veearts en gemeente-arts. Onderling contact tussen de klassen is er niet veel. Zo gingen de arbeiders ’s avonds naar café De Zwaan (De Valk) en zaten de boeren bij de Bonte Koe (Kuijer).

Kleinschmit verricht zijn taak zoals elke burgemeester en is tevens gemeentesecretaris. Zijn vuurdoop krijgt hij met kerstmis 1888. Hij is dan aanwezig in Groenlo en krijgt te horen van de moord op een 39-jarige inwoonster van Tull en ’t Waal. Hij keert met de trein terug en laat de echtgenoot van het slachtoffer in hechtenis nemen. Volgens de krant De Vijfheerenlanden uit Vianen is de vrouw letterlijk geslacht.

In de jaren erna is het rustig in de dorpen. In 1893 trouwt hij in Harlingen met Johanna Witte. Als rasechte bestuurder neemt hij zitting in de Provinciale Staten van Utrecht en uiteraard is hij voorzitter van het waterschap Schalkwijk. Het is de tijd dat de stoommachine doorbreekt en de windmolens worden vervangen. Dat is nodig, want de polders van Schalkwijk zijn eerder te nat dan te droog.

SPOORWEGSTAKING In 1903 breekt landelijk een spoorwegstaking uit. De angst bij de elite slaat toe, want de arbeiders eisen meer macht. Kleinschmit moet twee maanden lang de spoorlijn bij Schalkwijk, de Lekbrug en het station bewaken. Daarvoor worden manschappen geworven waarbij de postbode van Schalkwijk bewapend wordt met een vuurwapen. Iets dat in die jaren niet vreemd is, daar de bevolking wapens mocht bezitten om zich te kunnen beschermen tegen overvallers. Kleinschmit heeft geen vertrouwen in de rijksveldwachter van Houten en vraagt aan het leger om eventueel snel manschappen te kunnen leveren als het nodig zou zijn. Hij hoeft dan geen beroep te doen op Houten.

GEMEENTEBESTUUR SCHALKWIJK Bij zijn aantreden vergadert de gemeenteraad van Schalkwijk in café Dorpszicht. Hij huurt in 1892 het huis Rustenburg (foto) en verplaatst de vergaderingen naar deze locatie. In 1910 wordt een nieuw gemeentehuis gebouwd aan de huidige Jonkheer Ramweg, waar hij ook gaat wonen. In Tull en ’t Waal wordt vergaderd in een kamer van de onderwijzerswoning bij de school.

Als burgemeester mag hij het dan 38 jaar vol hebben gehouden, de Schalkwijkse gemeenteraadsleden konden er ook wat van. Deze zaten gemakkelijk 20 tot soms wel 40 jaar in de gemeenteraad.

Uit de krant van 1908 krijgen we een beeld hoe het er in de Schalkwijkse gemeenteraad aan toeging. En dat is geen fraai beeld. Een journalist uit Utrecht is nieuwsgierig hoe een gemeenteraadsvergadering op het platteland verloopt en besluit een bezoek aan Schalkwijk te brengen. Hij schetst een onthutsend beeld. Vanaf dat moment heeft Schalkwijk de dubieuze eer de meest wanordelijke gemeenteraadsvergadering van het land te hebben.

Vooral de wethouders liggen met de burgemeester overhoop. En als de wethouders stil zijn, vliegen de raadsleden de burgemeester in de haren. Zo is er tijdens die ene vergadering ruzie over de 5000 gulden die een wethouder uit de gemeentekas heeft geleend en maakt de wethouder zich andersom druk over het huurcontract van de burgemeester. De raadsleden zijn niet te spreken over de toetreding van een nieuw gemeenteraadslid. Ze vinden dat er is gefraudeerd bij de verkiezingen. Een ambtenaar van het stembureau wordt er als getuige bijgehaald en maakt vervolgens ruzie met de raadsleden. Ook wordt besloten om tegen de nadrukkelijke wens van de provincie het salaris van de onderwijzer niet te verhogen.

Typerend zijn de teksten van de verslaggever in de krant over het laatste deel van de vergadering: Een raadslid zegt: “Ik blijf zeggen dat het een schande is wat er in de gemeente onder jouw burgemeesterschap is gebeurd.” Een ander raadslid: “Ik zou mijn ontslag maar vragen als ik jou was burgemeester.” Een derde: “dat zou ik zeker doen”. Een vierde stem: “Het is het beste dat zo’n iemand zijn biezen pakt.” De burgemeester sluit de zitting en groet de heren.

Burgemeester Kleinschmit houdt het daarna nog 15 jaar vol tot 1 januari 1923. Hij is dan met 38 jaar de langstzittende burgemeester van Schalkwijk. Op 27 oktober 1931 overlijdt hij na een langdurig lijden, staat er in zijn overlijdensadvertentie. Hij wordt begraven bij de katholieke kerk van Schalkwijk.

door Frank Magdelyns